Cavia’s

Cavia’s zijn vrolijke, actieve groepsdieren. In hun eentje worden ze ongelukkig, van nature leven ze dan ook in groepen. Op de stadsboerderij zie je dat cavia’s altijd met een aantal bij elkaar in een hok zitten. Cavia’s staan bij ons het grootste deel van het jaar buiten. Cavia’s kunnen prima tegen kou, maar helemaal niet tegen tocht of teveel felle zon. Alleen als het heel koud of heel warm is, worden de hokken op een meer beschutte plek gezet. In de hokken zit een apart slaapgedeelte dat tochtvrij is. Ze hebben ook schuilplekjes nodig om even in weg te kunnen kruipen of te slapen.

Net als mensen en apen kunnen cavia’s zelf geen vitamine C aanmaken. Ze krijgen dit alleen via voedsel binnen. Daarom zit het in de speciale caviabrokken en in de groente en het fruit. Gewoon konijnenvoer is niet geschikt voor cavia’s, omdat deze toevoegingen hier niet in zitten. Cavia’s houden erg van groenten en fruit. En van een flinke pluk hooi om de hele dag aan te knabbelen. Goed voor de darmen en de tanden. Een cavia zal nooit teveel eten zoals veel andere dieren wel doen. Ze krijgen bij ons daarom onbeperkt caviabrokken, groente, fruit en hooi. Het gebit van een cavia groeit altijd door. De tanden en kiezen moeten slijten door aan harde dingen te knagen. De cavia is dan ook een knaagdier.

 

Cavia-jongen
Als een cavia geboren wordt, is het meteen al een echt mini-caviaatje: hun ogen zijn open, ze hebben tanden en een warme vacht. Net als bij hun ouders.
Cavia’s zijn nestvlieders. Dat betekent, dat in de natuur wordt verwacht dat ze metéén met de groep mee kunnen doen. Een konijn bijvoorbeeld is een nestblijver: hij wordt kaal geboren met zijn oogjes dicht en kan niet meteen lopen. Het duurt iets meer dan twee maanden voordat de cavia-jongen geboren worden. Meestal zijn er twee tot vier caviaatjes in één worp. De jongen drinken maar kort bij hun moeder, want ze kunnen dus al heel snel voor zichzelf zorgen.

Vacht
Er zijn cavia’s met één haarkleur of met verschillende kleuren, met veel of met weinig haarkruinen, en met kort of met lang haar. Veel van die verschillende soorten zijn gefokt door mensen. Cavia’s met lange haren zul je in de natuur niet vinden, lang haar is veel te lastig om schoon te houden. Wanneer je een cavia met lang haar hebt als huisdier vraagt dat heel veel verzorging van de vacht. Op de stadsboerderij hebben we daarom alleen soorten met kort haar.

Geluid
Heb je wel eens de geluiden gehoord die cavia’s kunnen maken? Mannetjes kunnen ‘brommen’, om indruk te maken op een ander mannetje of om een vrouwtje te versieren. Soms brommen ze ook als je ze oppakt en aait. Cavia’s kunnen ook fluiten. Op die manier kunnen ze met andere cavia’s communiceren, maar ook met mensen! Als een van onze medewerkers na de lunch naar buiten loopt met appelschilletjes en even fluit, fluiten de cavia’s terug. Ze zitten dan klaar om het lekkers op te eten.

hd-cavia-achtergrond-met-een-cavia-ruikt-aan-een-gele-bloem-hd-cavia-wallpaper-foto

Cavia-weetjes
  • Een cavia heet ook wel een Guinees biggetje. Het is echt geen varkentje, maar een knaagdier. Toch noem je, net als bij een varken, een mannetjescavia een beertje en een vrouwtje een zeugje.
  • Een caviamoeder heeft twee tepeltjes. Als er meer dan twee jonge cavia’s zijn, moeten ze op hun beurt wachten om te drinken.
  • Cavia’s komen in Nederland niet in het wild voor. We houden ze als huisdier.
  • Cavia’s zijn nestvlieders. Dat betekent, dat ze als ze geboren worden, meteen voor zichzelf kunnen zorgen.
  • Cavia’s houden erg van groenten. Bouw het wel rustig op, anders krijgen ze last van hun darmen. Maar als ze eraan gewend zijn, mogen ze veel groenten eten. Een beetje fruit voor de vitamine C is goed, maar niet teveel.
  • Cavia’s eten de hele dag door: gras, blaadjes, planten en bloemen. Daarom is het fijn als er altijd een flinke pluk hooi in het hok ligt. Zo kunnen ze lekker dooreten en het is ook goed voor de tanden.
  • Sommige cavia’s poepen en plassen altijd op hetzelfde plekje. Als je weet waar dat plekje is, hoef je niet steeds het hele hok schoon te maken.
  • Cavia’s smullen van hun eigen keutels. Dit heet coprofagie. Normaal gesproken worden in de darmen worden bepaalde plantaardige voedingsstoffen door het lichaam opgenomen. De darmen van een cavia kunnen dit niet. In de dikke darm gebeurt dit wel. Het lichaam kan dit niet meer opnemen, maar wel afgeven aan de keutels. Door een keutel op te eten komen deze eiwitten en vitaminen opnieuw binnen. Doordat ze zijn ‘voorverteerd’ kunnen ze nu wel opgenomen worden.
  • De nagels van cavia’s moeten regelmatig worden bijgeknipt. Dit kan met een speciaal knippertje. Als je dit spannend vindt, kan je dit door onze medewerkers van de dierotheek op Stadsboerderij De Korenmaat laten doen. Houd facebook en de website in de gaten voor de data.
  • Thuis voeren we cavia’s graag gemengd voer, omdat het er zo gezellig uitziet. Groot nadeel hiervan is, dat ze eruit kunnen zoeken wat ze lekker vinden. Wat minder lekker is, laten ze liggen. Daardoor krijgen cavia’s en konijnen niet altijd de juiste voedingsstoffen binnen. Je kunt dit voorkomen door te kiezen voor geperst caviavoer. Het ziet er saaier uit, maar je weet dan wel zeker dat je cavia precies eet wat hij nodig heeft.

Stadsboerderij Presikhaaf is onderdeel van Natuurcentrum Arnhem